Home
lijn

Columns
lijn

Journalistieke artikelen
lijn

Opinie-artikelen
lijn

Interviews e.d.
lijn

'Aangekruist' (RKK Kruispunt)
lijn

Boeken
lijn

Wetenschap
lijn
Publicaties (NL)
Scholary reviews (EN)
Congresses and lectures (EN)
Proefschrift over Hugo Ball (NL)

Cultuur
lijn
Films
Muziek
Games
Boeken
Reclames
Musicals en theater

Fictie
lijn
Proza
Poëzie

Dossiers
lijn
Religie en internet
Medische ethiek
Politiek en religie
Esoterisch christendom
South Park
Perry Rhodan
Benedictus XVI
Bisdom 's-Hertogenbosch

Speciale acties
lijn
Meest spraakmakende theoloog
Wij blijven katholiek
Wij luiden voor Oranje

Contact
lijn

Disclaimer
lijn

Loftuitingen

"wat een spreker is die man!"
- Mirjam Nieboer (IKON)

"de Lucky Luke onder de theologen: schrijft sneller dan zijn schaduw" - Katholiek.nl

"de Nico ter Linden van de RKK: speelse narratieve theologie"
- Ruard Ganzevoort (VU A'dam)

"eerste hulp bij vragen over populaire relikunst" - Trouw

"de meest geciteerde theoloog in de media" - Brabants Dagblad

"een van de geheime wapens
van de katholieke kerk"
- NRC Handelsblad

"de angry bird onder de theologen"- isidorusweb.nl

"de Theoloog des Vaderlands"
- GoedGelovig.nl

"het midden tussen een gedreven docent en een begenadigd prediker"
- De Scherper

Ajax doet zijn naam eer aan
Interview, Marco van Nugteren, 04-06-10

‘Voetbal is religie.’ Het is een veel gehoorde uitspraak die aangeeft dat er verbanden zijn tussen het trappen tegen een bal en het aanbidden van een god of een hogere macht. Als fervent Ajacied vroeg ik mij af of deze vergelijking ook opgaat voor de voetbalclub uit Amsterdam. En waarom niet? Ajax is immers een held uit de Griekse mythologie.

Zondagmiddag, half drie. Een doodnormale middag in De Arena in Amsterdam. Zodra de spelers het veld betreden, wordt het clublied gedraaid. De supporters staan op van hun stoeltjes en beginnen uit volle borst mee te zingen, soms zelfs met hun hand op het hart. Na een minuut of twee heeft de laatste noot van het lied geklonken, maar de 50.000 supporters komen pas net los. “Joden, joden, joden”, roepen ze vanaf de tribune naar de spelers die zich klaarmaken om te beginnen aan de wedstrijd. Door het scanderen van deze leus moedigen de supporters ‘hun club’ aan. Veel fans hebben een shirtje van Ajax aan, vaak met de naam van hun favoriete speler achterop. Luis Suarez bijvoorbeeld. En als Suarez scoort, ontploft de Arena. Suarez rent naar het publiek om het feestje met de supporters te delen. Zij juichen hem toe, bejubelen hem en scanderen zijn naam. Het lijkt een doodnormale middag in De Arena in Amsterdam te zijn, maar als het voorbeeld van zojuist grondig wordt geanalyseerd, blijkt dat religie een belangrijke rol speelt. En dat zou je op het eerste gezicht niet zeggen.

Ajax en religie

De hoofdvraag in deze essay is of voetbalclubs, en Ajax in het bijzonder, banden met religie hebben. Onder religie wordt verstaan: ‘datgene wat ons overstijgt, wat groter is dan onszelf.’ Het hoeft dus niet per se met een God te maken te hebben, maar wel met ‘iets hogers’. Dat is erg vaag, maar de moderne religie is dat ook. Deze essay is opgedeeld in twee delen. Allereerst wordt er gekeken waar de metaforen die om de Amsterdamse club Ajax heen hangen, vandaan komen. Hebben zij daadwerkelijk een religieuze betekenis? Het gaat dan om de woorden ‘Godenzonen’ en ‘joden’. Een groot gedeelte van dit artikel is aan de laatstgenoemde bijnaam besteed, omdat die de meeste uitleg behoeft. Daarna wordt ingegaan op de traditionele geloofsgemeenschappen van voetbalclubs, waaronder ook natuurlijk Ajax. Kan de Arena bijvoorbeeld als een kerk gezien worden waar voetbalfans op zondagmiddag bijeen komen? En zijn voetballers moderne heiligen?

(...)

Joden

Frank Bosman, theoloog aan de Universiteit in Tilburg, is op de hoogte van de reden waarom Ajacieden zichzelf joden noemen. Hij is cultuurtheoloog en houdt zich dus bezig met religieuze kenmerken in onder meer films en muziek, maar ook in sport. Volgens hem heeft de oorsprong van de geuzennaam niets met religie te maken. “Het is denk ik niet zo dat de gemiddelde Ajacied zich met de joodse religie identificeert. Of dat de gemiddelde Ajacied zich verwant voelt met de moord op miljoenen joden in de Tweede Wereldoorlog. Het gebruik van het woord jood in deze context is dus niet religieus. Het heeft ook geen politieke betekenis. Dan zou je namelijk verwachten dat Feyenoorders zichzelf Palestijnen noemen. Of dat ze met de Palestijnse vlag zwaaien. Maar dat doen ze niet en dat zullen ze ook nooit doen.”

(...)

Godenzonen

De bijnaam ‘Godenzonen’ komt volgens Bosman wel voort uit religie. “De stervoetballers worden gezien als supermensen die uitstijgen boven het menselijke. En die iets doen wat niemand anders kan. Ze hebben een bepaalde gave.” Dat we zulke stervoetballers daarom een religieuze bijnaam geven, heeft volgens Bosman te maken met onze geschiedenis en onze cultuur. “Hier in het Westen zijn we eeuwenlang gekneed met het christendom. Als we iets willen zeggen over wat we heel bijzonder vinden, maken we gebruik van de woorden die we in onze rugzak hebben zitten. En wat zit er in die rugzak? Het christendom. Daar hoef je geen christen voor te zijn, maar de cultuur is christelijk beïnvloed. Als wij vinden dat iemand iets heel bijzonders heeft gedaan, wordt hij dus al gauw de Verlosser, de Messias of een Godenzoon genoemd.”

Moderne heiligenverering

Er lijkt dus sprake te zijn van een moderne heiligenverering. Volgens Bosman zit in die moderne heiligenverering, waaronder die van voetballers, een plaatsvervangend element, dat voortkomt uit religie. “Als Suarez een goal maakt, maakt ie die eigenlijk niet voor zichzelf, maar voor z’n team, z’n club, voor alle mensen die in het stadion zitten en voor alle mensen die via de tv meekijken. Dus híj maakt niet de goal, wíj maken de goal. Wij hebben gewonnen, wij hebben gescoord. Daar zit plaatsvervanging in. In het christendom is Christus gestorven voor al onze zonden. Dat is ook plaatsvervanging.”

Arena als kerk

Daar is een directe link tussen het voetbal en het geloof. En er zijn meer van die verbanden. Zo kan de Arena volgens Bosman met een kerk vergeleken worden. “Als mensen een groep vormen en boven een bepaalde massa uitkomen, gaat die groep zich als geheel bewegen. Al die mensen hebben dezelfde kleren aan, ze komen naar dezelfde plek om dezelfde gebeurtenis mee te maken, ze leven er heel lang naar toe, ze praten er met elkaar over, ze praten er na afloop over en ze luisteren naar dezelfde liederen. Je gaat het stadion in en iedereen wacht tot het begint. Dan komen de spelers het veld op, er worden liederen gezongen, iedereen staat op, eventueel nog hand op het hart. Dat zijn allemaal rituelen en rituelen zijn religieus getint. Al die rituelen in een stadion helpen bij het op gang brengen van het collectieve proces.”

Voetbal als religie

De Arena valt dus inderdaad te vergelijken met een kerk. Als een voetbalstadion met een kerk vergelijkbaar is, kan voetbal dan ook een levensstijl voor voetbalfans zijn? Bosman denkt van wel. “Voetbal is voor sommige mensen, net als religie, een bepaalde manier van leven. Voor een kleine groep hè, we moeten niet overdrijven. Je hebt mensen die de hele dag in een kerk zitten en je hebt mensen die gelukkig worden als ze de hele dag met voetbal bezig zijn.” Zoals sommige christenen zeggen dat je pas een echte christen bent als je naar kerk gaat en zoals sommige moslims zeggen dat je pas een goede moslim bent als je vast tijdens de ramadan, zo zijn er ook Ajacieden die vinden dat je pas een echte Ajacied bent als je naar de Arena gaat. Bosman: “Ik denk dat heel veel diehard fans zeggen dat je alleen maar een echte Ajacied kan zijn als je elke wedstrijd bijwoont. Voor zowel een kerk als een voetbalclub moet je dingen overhebben. Je moet je vrije tijd er voor opofferen. Elk weekend speel je uit of thuis. Het kost veel geld, clubkaarten zijn duur. Het wordt een soort plicht waaraan je je kan onttrekken. Je kan namelijk besluiten om niet bij een kerk te horen of niet bij een voetbalclub te horen.

Samenvattend kan geconcludeerd worden dat er op die doornormale zondagmiddag in Amsterdam flink wat religieuze kenmerken zichtbaar zijn. Bijvoorbeeld het zingen van liederen, het scanderen van leuzen, het stadion als een kerk, voetballers die moderne heiligen zijn, Ajacieden die Godenzonen genoemd worden, Ajax als de held uit de Griekse mythologie en voetballers die plaatsvervangers zijn. Alleen het joodse imago van de Amsterdamse voetbalclub kan volgens de theoloog Bosman niet als een religieus kenmerk gezien worden.

Verschillen

Hoewel er veel verbanden zijn tussen een voetbalclub, Ajax in het bijzonder, en religie, is er ook een belangrijk verschil. Bosman: “Een voetbalclub is niet opgericht om het goddelijke te bemiddelen. Dat doen ze wel, maar daar zijn ze niet voor opgericht. Ze zijn gewoon opgericht voor het spelletje. Een kerk is wel opgericht om het goddelijke te bemiddelen. Dat is het grote verschil. Dat het tóch gebeurt, komt omdat mensen ongeneeslijk religieus zijn. Religie is niet dood zoals sommige mensen beweren, religie krijgt andere verschijningsvormen. We belijden het nu voor een deel in een voetbalstadion en niet meer in kerkbanken. Hoe leger de kerk, hoe voller de stadions.”

Meer rituelen

Door de ontkerkelijking nemen andere rituelen toe, aldus Bosman. Hij zegt eigenlijk dat mensen altijd behoefte hebben aan religie, in wat voor vorm dan ook. Vooral aan de heiligenverering van voetballers is dat te merken. “Die stervoetballer is eigenlijk helemaal niet zo bijzonder. Maar wij hebben hen met z’n allen zo groot gemaakt. Dat hebben we zelf gedaan, maar dat willen we helemaal niet weten. Want dan kan het onze Verlosser niet meer zijn. We zien onszelf, het is een ideaaltype. Zo willen we allemaal zijn. Het grappige is dat we het zelf doen. We creëren onze eigen Verlosser.”

Bron: Dit interview is geschreven door Marco van Nugteren.

...

Op alle pagina's is een disclaimer van toepassing. Deze site wordt niet gesponsord, noch door reclame financieel ondersteund.
Overgenomen teksten zijn van de eigenaar van deze site zelf of noemen hem bij name.